De zorgverlener als patiënt

Kan natuurlijk niet uitblijven. Nu ik tot patiënt gebombardeerd ben en de zorg vanuit de andere kant mag ervaren. Het leven op 1 been is Kwalitatief Uitermate Teleurstellend, oftewel …. Het is net een concours hippique achter dat looprek.

Niet meer, niet minder. Je kunt niks en je mag niks en bent volledig afhankelijk van anderen in doen en laten. Je kunt nog geen kopje van a naar b krijgen, lig in een ziekenhuisbed in de woonkamer. Nog mazzel dat de badkamer op de begane grond is in mijn jaren-20 huissie. Zit je dan op een plastic tuinstoel in de inloopdouche. Looprek voor je snufferd, handdoekkie erover. Als je het van de zonnige kant wil bekijken: er worden voor mij inkopen gedaan, er wordt voor mij bij tijd en wijle gekookt ipv de kant-en-klare hap, mijn huishouden wordt gedaan. Word notabene als een CEO met een Jaguar-taxi naar de apotheek gereden. Laren hè? Toch jammer dat het looprek dan niet in de achterbak past en dus naast mij op de achterbank ligt.

Maar dat wil je allemaal helemaal niet. Zo’n 3-voudige beenbreuk is wederrechtelijke vrijheidsberoving en die vrijheid wil je terug. Het begon al bij de acute opname: meneer wilt u gewassen worden of? Zelluf doen plse. Aan mijn lijf niet nog meer polonaise. De dag erna wel douchen. Dat mocht. Wat je dan niet moet doen is een shirt over je hoofd uittrekken als je op 1 been achter een looprek staat. Leerproces. De verpleegkundige kon mij nog net grijpen voordat ik omver kukelde. Inmiddels ben je alle gevoel voor decorum kwijt. Zit je dan en denkt, oh jee. De douchekopt hangt hoog en kraan open was geen optie. Natuurlijk ijskoud water. Met een uiterste inspanning lukte het om de douchekop eruit wippen en te grijpen voordat ie op mijn hoofd zou belanden. Inderdaad ijskoud water in eerste aanleg en als ik ergens een bloedhekel aan heb…
Voordien en 2 weken later na de operatie werd al een gevecht gevoerd met een urinaal. Je wil wel maar je durft niet, bang voor overstroming of terugslag danwel je wil wel maar je kunt niet. Met tig man op een rij voor een pissoir was al nooit mijn ding.

Soms is patiënt zijn ook wel hilarisch. Des avonds kwam het avondhoofd langs. Type big mama, niet zeuren maar aanpakken. Meneer het is wel de bedoeling dat u zichzelf uitkleedt. Nou sorry hoor, wat dacht jij dan? Zou u dan ff die broek wat verder kapot willen knippen want daar kom ik niet uit. Rits rats boem en weg was ze. Trut.
Bij het 1e polibezoek maakte ik kennis met de draaideuren van de hoofdingang. Mijn tactiek ging niet helemaal goed door toedoen van een andere draaideurpatiënt. Ofwel, het looprek werd geraakt door de draaideur. Terwijl je dat onding verplaatst, komt die deur dus iedere keer ertegen. Achter de deur staan 2 gastvrouwen. Geen idee wat hun taakomschrijving is. Ze waren in ieder geval druk met elkaar in gesprek. Zowaar kregen ze mij in het oog en bedachten de noodknop. Hèhè, dank u dames. Daarna verwachtte ik eigenlijk de vraag of ze nog iets voor me konden doen. Die kwam niet, dus zelf maar gevraagd voor een rolstoel om mijn been omhoog te houden. Euuh? Zou het hun eerste dag als gastvrouw zijn geweest? Knullig was het allemaal wel.

Bij de poli kwam zowaar een karretje met gratis koffie of fris voorbij. Nou, dat was een meevaller. In de wachtkamer ontmoet je je eigen patiënten. En los daarvan, iedereen kletst tegen iedereen. Dat is ook een ervaring. In de gipskamer was er een olijke voluptueuze jongedame met blosjes op de wangen. Ze was traumachirurg, gepromoveerd let wel, en had er overduidelijk veel zin. Zij vertelde mij haar menu. Geen keuzemenu. Dit ging ze doen, dat was wat ze uitserveerde en ze legde uit waarom. Geen speld tussen te krijgen. Het kwam niet eens in mij op een variatie op het menu te vragen. Haar conclusie trof mij met een moker: been te dik, niet opereren. Zie u weer over 5 dagen. Voor some reason accepteerde ik het meteen. 

Bij het volgende bezoek was ze er weer. Snijden is alleen maar fun zei ze. Gaat u het doen? Nou ze was niet ingedeeld die ochtend maar het leek haar wel leuk omdat het een niet alledaagse complexe ingreep zou worden. Heb ik weer.
Op de OK bleek dat ze had geruild met de hoofdtraumachirurg. Getsie, dat was ook niet de bedoeling geweest. Samen met een andere jonge dame zijn ze 2.5 uur lang bezig geweest met plaatjes, schroefjes en moertjes. Hell of a job was het, die plaat van bijna 30 cm. Wonderbaarlijk helder kwam ik uit de narcose. Klaarwakker, niet misselijk en heb meteen twee sneetjes brood naar binnen gewerkt. Verder stak zelfs de polikliniekapotheker nog ff zijn neus om de hoek bij uitslaapkamer. En geheel tegen mijn principes in heb ik bij hem een doosje fraxiparine meegenomen ook al had ik nog thuis. 

Inmiddels weer elke dag een aantal uren in de apotheek, zelfs de HKZ audit zo goed als overleefd. Met been omhoog achter of op het bureau, looprek ernaast. Nog onbelast laten tot eind februari. Dan zijn we 2 maanden na dato en begint de lange weg terug. Geen keuze. Ondertussen hobbelt het leven door. Iedere zorgverlener zou eigenlijk een looprekweek moeten meemaken. Dan weet je wat het is om patient te zijn.
Mag ik iedereen bedanken voor de mails, kaartjes and so on. Bekenden en zeker ook de onbekenden. Dat het schrijven van een columnpie zowaar fanmail oplevert. Tnxs to all!

Talk Talk van het album Colour of Spring; Happiness is easy.

Carlo Schneider
Laren Nh
Info@apotheekkennisbank.nl